EERSTE BEWONERS

De Dries (1971), nu Lange Akkerstraat, richting Nevele. Rechts de Weg naar de Vaart.

We hebben gepoogd zo ver mogelijk terug te gaan in het grijze verleden en kunnen daarom best beginnen met de verklaring van de naam “Meigem”.  Hij wordt de eerste maal vermeld in 969 en in de loop der tijden onderging hij ettelijke veranderingen.  De etymoloog De Smet dacht bij de verklaring van de naam eerst aan een mei-verblijf.  Later was hij van mening dat het eerder een uitspanning was van “made” (meersch), in het Engels “meadow”, een bebloemde weide waarvan woorden komen zoals vermeien, spelemeien.

In een handschrift over de betekenis van de meeste dorpsnamen in Vlaanderen, lezen wij dat Meigem een toevluchtsoord zou geweest zijn voor jonge meisjes die op de vlucht waren voor de Goten, de Vandalen.  Nog een andere schrijver, Willems genaamd, meent dat hier het meigeding of het meiveld gehouden werd, voorgeschreven door de Capitulare van 769 (1).

De meest aanvaardbare verklaring komt echter van prof. Tavernier.  Zij zegt dat Meigem, zoals alle gemeentenamen die eindigen op –gem, van Frankische oorsprong is.  Het is een nederzettingsnaam, de naam van een plaats waar mensen zich gevestigd hebben en er een landbouwbedrijf hebben gesticht: gem betekent heem of woonplaats.  Zo betekent Meigem, de plaats waar Magus of Magum (2) woonde, een woord van Keltische oorsprong.

Wanneer het grondgebied van Meigem bevolkt raakte is niet met zekerheid te achterhalen.  Gebeurde dit reeds in het Romeins tijdvak ?  Het is duidelijk dat onze gemeente, doorkruist en begrensd door de Oude Kale of Poekebeek en de Neder Kale of Reigersbeek, een geschikt terrein vormde voor nederzettingen.  Hier vond men immers de nodige watervoorzieningen die onontbeerlijk waren om de akkers en de weiden vruchtbaar te maken.  Men mag bijna met zekerheid zeggen dat de eerste nederzettingen gebeurden in het Frankisch tijdvak.  Zij kwamen tot stand op de plaatsen waar de hoge kouterrug overging in het lagergelegen bulkengebied.  De kouters werden omgezet in vruchtbaar akkerland en in het boomrijker bulkengebied liet men het vee grazen.  Dit is eeuwenlang zo gebleven en in Meigem is dit nog duidelijk terug te vinden.

Bij iedere nederzetting was er een dries.  Deze had meestal de vorm van een driehoek en hij fungeerde als schut- of graasplaats voor het vee. ’s Avonds werd hier het vee bijeen gebracht.  Er zijn echter auteurs die een andere verklaring hebben voor dries.  Volgens Vercoullie wijst het woord dries op braakland en zou het voortkomen van het woord drie, naar het gebruik om alle drie jaar een derde van de akker te laten braak liggen. 

VOLGEND ITEM : HEERLIJKHEDEN


(1) Capitularia (enkelvoud capitulare, een bundeling van capitula: hoofdstukken) waren de schriftelijke koninklijke verordeningen waarmee Karel de Grote en zijn opvolgers de wetgeving bekendmaakten. Deze werden gebruikt vanaf het midden van de 8e eeuw tot het einde van de 9e eeuw.
Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Capitularia

(2) J. Van Den Heuvel spreekt van Maginga-heim, “de verblijfplaats van Maginga” ( Van Den Heuvel J. “Heiligenverering in het Land van Nevele ” in Het Land van Nevele, jrg. XIV (1983), p. 15)

Maak je eigen website aan bij WordPress.com
Aan de slag
%d bloggers liken dit: